Het magazine dat kinderen benadert met een open geest

Hechtingsstoornis; wanneer liefde van kleur verandert

photo-1508214406285-c765025445df

We leven in een tijdsperiode, medio 2022 , waar  de psycholoog of de psychotherapeut en soms de psychiater  dikwijls teruggrijpen naar het woord ‘hechtingsstoornis’ als het erop  aankomt een diagnose te ‘spuien’. Altijd een beklijvend moment, die diagnose. Resultaat van veel gepieker, afweging, onderzoek. Een diagnose is immers een allesbepalende stempel, die de cliënt voor de rest van zijn dagen zal meedragen. Geen klein bier. Het hoeft dan ook geen verdere uitleg dat wanneer een ‘hechtingsstoornis’ wordt gediagnosticeerd dit een heel gezin en zelfs familie impliceert.

Wat is een goede hechting ?

Een kind hecht aan of verbind zich met de ouders. Dit is een proces dat vooral in de eerste levensjaren van het kind plaatsvindt. Hechting ontstaat door wederzijdse reacties tussen het kind en de ouders (verzorgers) en leidt tot een duurzame affectieve (emotioneel, liefdevolle) relatie.  Dit hechten geeft een kind een veilig gevoel, een gevoel dat het kind weet dat er iemand is op wie ze kunnen terugvallen, iemand die van ze houdt. Hechting is dus een zeer belangrijk onderdeel van de ontwikkeling en verdere ‘vorming’ van een kind. De basis voor de hechtingsrelatie wordt gelegd in het eerste levensjaar en blijft het hele leven van belang. Het kind vraagt in de opbouw van de hechtingsrelatie, aandacht, alsook troost wanneer daar behoefte aan is,  veiligheid (misschien wel het belangrijkste) en ook begrip voor zijn gevoelens. En wat opvalt is vooral dat deze hechting vooral gaat over de verbinding met de moeder. Die is er natuurlijk steeds geweest. De hechting tussen moeder en kind zijn dus super belangrijk.

Een hechting stoornis

Soms gaat dit hechten niet goed, loopt de relatie tussen ouder en kind niet goed. En dit kan problemen geven en dan spreekt men over een stoornis. En kan men ook spreken over een verstoorde hechtingsrelatie. Zaken die een hechtingsrelatie beïnvloeden, zijn: omgeving, psychische gezondheid van de ouders.

Vier hechtingstijlen

Hechtingsstoornissen worden gecatalogeerd in vier  verschillende ‘stijlen’ :

1) De Veilige hechting:

Wanneer een kind een veilige hechtingsrelatie opbouwt met zijn ouders, vergroot dat de kans op een ongestoorde, met name sociale en emotionele, ontwikkeling. Ook bevordert een veilige hechting nieuwsgierigheid, leergierigheid en het toegeven aan de drang tot exploratie.’ (bron: Nederlands Centrum Jeugdgezondheid).

2) De ambivalente hechting

Deze kinderen proberen steeds in de buurt van de moeder  te zijn en reageren heftig op afscheid. In de tijd dat de ouder weg is, speelt het kind amper en houdt het de omgeving constant in de gaten. Wanneer ze weerom samen zijn, tonen ze hun verdriet, maar ook hun woede omdat ze zich afgewezen voelen toen de moeder het kind verliet.

3) De vermijdende hechting

Wanneer de moeder na afwezigheid terug gekomen is, negeren of vermijden ze de ouder. Ze spelen een spelletje. Wanneer de moeder dan reageert met :” Kijk, wat kan zij toch mooi alleen spelen.” zal het kind niet reageren . Toch is dit een heel stressvolle situatie voor het kind, wat zich kan uiten in fysiologische klachten. (zoals verhoogd cortisol-gehalte)

4) De gedesorganiseerde hechting

Hierbij lijkt het alsof deze kinderen tegenstrijdige gedachten hebben over de beschikbaarheid van hun moeder of bang zijn voor haar.  Zij laten tegenstrijdige gedragingen en emoties zien. Bijvoorbeeld heel hard beginnen huilen en dan weerom lachen. Ook kan het zijn dat zij zich abnormaal beginnen te bewegen of plots heel hun lichaam bevriest. Zij lijken soms in de was wanneer hun moeder toenadering zoekt. Alsof het benaderen van hun moeder de stress doet verhogen.

Verschillende vormen van agressie

In deze opsomming ziet men duidelijk dat er verschillende vormen zijn van agressie dit hierbij komen kijken. Hieruit zou je kunnen opmaken dat agressie, in een relatie (eender welke) een symptoom kan zijn van een gecamoufleerde hechtingsstoornis.

Gekleurde bril & psychopathie

Liefde in een relatie kan op die wijze van ‘kleur’ veranderen. Een kind gaat met een sterk gekleurde bril naar de liefde van zijn opvoeders kijken. Indien datzelfde kind, vervolgens volwassen wordt en relaties tracht aan te gaan, kan dit leiden tot een vorm van psychopathie? Waarvan de meest gekende narcisme is of een extreme vorm van jaloezie (laag zelfbeeld).

Voorbeeld: een kind van tien jaar wil voortdurend weten, waar zijn papa en mama is en belt hen beiden om de tien à vijftien minuten op. Vooral de moeder, krijgt het erg te verduren en is verplicht, haar zoontje toestemming te vragen vooraleer boodschappen te gaan doen of zelfs maar te gaan joggen. In het geval zij hem negeert en toch vertrekt zonder zijn toestemming, gedraagt hij zich daarna verbaal, zeer agressief naar de mama. Wanneer hij zijn zin niet krijgt, wordt hij extreem agressief en dreigt hij op sommige momenten met zelfmoord. Heel het gezin wordt getiranniseerd en is de wanhoop nabij. In een tweede fase, ontwikkelt het kind een vorm van Agorafobie: Hij wil en kan niet meer naar school. Het enige onderwerp waarvoor hij zich interesseert is tennis en zijn wekelijkse tennislessen.

Liefde testen

Dit is uiteraard een extreem geval, maar het toont aan hoe vernielzuchtig een hechtingsstoornis kan te keer gaan in een leven. Het staat echter als een huis dat het kind zijn liefde toont – zij het op een vreemde manier – voor zijn ouders. Sterker, hij ‘test’ ook hun liefde voor hem.

Adoptiekinderen en het Geen-Bodem- Syndroom

Er zijn natuurlijk heel wat oorzaken van deze stoornis zoals o.a. adoptiekinderen. Zij vormen een aparte categorie, die vaak een afwijkend sociaal gedrag laten zien. Onder de titel Bodemloos bestaan’ schreef Geertje van Egmond over haar wedervaren met haar adoptiedochter en beschrijft daarin het ‘Geen- Bodem-Syndroom’. Iets wat adoptieouders maar al te goed kennen. Ze ervaren hun kind als een bodemloze put. Hoeveel aandacht, zorg en liefde ze ook in het kind steken; er komt zelden  tot nooit iets terug. Het kind heeft geen hechtingsrelatie kunnen aangaan met zijn oorspronkelijke ouder. Het heeft de pijn ervaren van ‘niet gewenst’ zijn of ‘weg gedaan’ worden. Het zal hierdoor bijvoorbeeld gaan stelen, veel liegen, weglopen en zelfs dieren martelen.

Besluit

Er valt nog heel wat te leren over dit onderwerp. Soms staan we er te weinig bij stil dat een bepaald storend gedrag hiermee kan te maken hebben. Het is dus toch belangrijk om te weten als jonge ouder, dat je kan zorgen voor deze veilige hechting in de eerste levensjaren. Zo stel ik mezelf de vraag of het hele jonge kind naar een crèche of kinderopvang  te brengen, wel een goed idee is. Je hoort dan soms uitspraken zoals: “ Dat ze maar vanaf het begin, als baby bij veel mensen komen, dan zijn ze dit reeds gewoon voor later. Zo kunnen ze geen seutje of lastpak worden “ … Maar na dit artikel kijk ik er anders naar. Sowieso ben ik een voorstander van je kind bij je thuis te kunnen houden tot ze naar de kleuterschool gaan.  Ook al weet ik dat sommige ouders liever snel weer aan het werk gaan.  Ieder zijn keuze… 

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on pinterest
Pinterest
Previous
Next

Reageren op dit artikel..

Ja, ik meld me aan voor de gratis nieuwsbrief

Elke maand versturen wij een nieuwsbrief vol blogartikelen, tips en nieuws over vernieuwende zienswijzen.