Het magazine dat kinderen benadert met een open geest

Psychische nood en wat de jongsten ons vertellen

Psychische nood en wat de jongsten ons vertellen

Flashback twee jaar terug. Onze tweede dochter is een jaar oud. Ze slaapt ‘s nachts steeds minder lang na elkaar. De zoveelste nacht op rij wekt ze me om het uur. In de donkere living staar ik verweesd en met onderdrukte woede naar de schaduw van de wuivende struiken. Rustig en stil is het, dat wel. Mijn dochter smakt bij het drinken op mijn schoot. Ik fantaseer dat ik haar hard tegen de grond smijt. Even voel ik het genoegen van pijn doen, meteen erna komt verdriet. Ik kijk mijn zwarte demonen in de ogen. Verschrikt stel ik vast dat het zo niet langer kan. Ik verkeer in psychische nood en ga hier aan ten onder. Fysiek en mentaal. En erger, mijn dochtertje ook.

Stem geven aan de allerkleinsten

Het is hoopgevend dat ik in de mainstream media al eens meer artikels lees die rekening houden met de jongste aardbewoners onder de mensen: baby’s en zelfs foetussen. Het zijn net zij die stemloos zijn, al kunnen baby’s met hun gehuil en gekrijs veel lawaai maken. Een baby doet dit niet zomaar. Hij schreeuwt niet met een dubbele agenda in zijn achterhoofd. Een baby signaleert iets. En dan is de grote vraag: wat … als het geen honger is, als het geen vermoeidheid is, als de pamper net ververst is, als de baby dan toch nog blijft huilen … wat vertelt hij dan?

We proberen het toe te dekken met een fopspeen. Lekker foppen dus: onszelf. Of we zoeken het op puur fysiek vlak. Ik hoorde al van alles. Sommige baby’s hebben te lange darmen en dat doet pijn, dan heb je een huilbaby. Ze groeien daar wel over. Geef hem maar genoeg te eten, daar wordt-ie lekker slaperig van. We kweken emotie-eters, ja. Laat hem huilen, hij zal wel eens ophouden. Opgeven, zul je bedoelen. En zo kan ik nog een tijdje doorgaan.

Baby’s vertellen meer dan we denken

Een mens is meer dan een biologisch, fysiek lichaam alleen. Er is altijd een link met het psychische, de geest. Na de nodige lectuur is het mij duidelijk dat er iets onderliggends is dat mijn baby mij duidelijk wil maken. Na een niet altijd succesvolle zoektocht kom ik uiteindelijk terecht bij lichaamsgerichte babytherapeuten Gaby Stroecken en Rien Verdult van praktijk De Bakkerij in Borgloon. Ze begeleiden mijn dochter eindelijk diepgaand in haar leed die zij signaleert.

Een van haar lijdenswegen is dat ze na haar geboorte zes weken in neonatologie gelegen heeft met weinig nabijheid van mij. In de sessies met de therapeuten mag ze eindelijk voluit tonen hoe verschrikkelijk dit voor haar was. Ze toont haar angst, haar machteloosheid, haar boosheid én ze wordt hierin gezien, gehoord, gevoeld. Na drie maanden verbetert haar slaappatroon geleidelijk aan. Ze groeit zelfs beter. Een jaar later slaapt ze de nachten zogoed als helemaal door. Het is overduidelijk heel belangrijk dat we naar de onderliggende behoeften kijken van de baby, dieper dan hun gedrag. 

“Het is juist deze overbelasting door te veel te ‘doen’ en te weinig te ‘zijn’, waardoor de ruimte ontbreekt om naar het kind te kijken. Om bij het kind te zijn, om in de gevoelswereld van het kind te treden. Er wordt te weinig echt geluisterd naar de dieperliggende emotionele noden van kinderen. Deze komen vaak tot uitdrukking in allerlei vormen van (lastig) gedrag. Ouders reageren meer op dit gedrag dan op de onderliggende betekenis, dan op het onderliggend gevoel. Signalen hiervan ontvangen we dagelijks met hopen.” – Gaby Stroecken

“Onhandelbare baby’s zijn vooral een signaal van hoeveel stress er in hun omgeving is. Een onhandelbare baby is een baby in nood. En weet dat daar per definitie ouders in nood zijn.” – Kinder- en babypsychiater Binu Singh

Ouders in  psychische nood

We kunnen onze blik richten op onze baby’s, met hen in therapie gaan en denken dat daarmee de kous af is. Niets is minder waar. Als ouder kijken we best ook naar onszelf. Onze kinderen staan niet los van ons als ouder. Janita Venema schreef er het boek “Het fluisterkind” over. Ze noemt haar eigen boek ‘het boek vol woorden om te zeggen wat kinderen zonder woorden uitdrukken’. Wie ervoor openstaat, kan leren wat z’n kind hem influistert. Ze verwoordt in haar boek haar diepe wens voor alle kinderen op deze manier:

“Ik verlang naar een gezondheidszorg waar kinderen erkend worden in hun hoedanigheid als fluisterkinderen. Een gezondheidszorg die kinderen niet onnodig medicaliseert en stigmatiseert met (psychiatrische) ziektebeelden of leerproblemen. Het is onderdrukkend wanneer de behandeling van een kind gebruikt wordt om het kind aan te passen aan de huidige status quo van het gezin, de school of samenleving opdat het maar niet tot last is. Ik hoop dat we het grote rebellenleger van al die lastige, moeilijke, zieke, maar ook de té aangepaste, stille, gemakkelijke kinderen een hand toesteken.” Uit: Het Fluisterkind van Janita Venema

“Bewust ouderschap vereist dat ouders zich bewust worden van het miskende kind in henzelf. In de mate dat ze dit miskende kind in zichzelf ontdekt hebben, in de mate dat ze dus hun eigen opvoeding verwerkt hebben, in die mate zullen ze de eigenheid en de eigen gevoelswereld van hun kinderen kunnen respecteren. De krachten van een verdrongen verleden zijn sterker dan de rationele beheersing. Zo worden opvoeders ‘gedwongen’ hun kinderen te miskennen vanuit hun eigen miskend kind-zijn.” – uit: Het miskende kind in onszelf van Gaby Stroecken

“Een behoeftige ouder gaat ongemerkt het tekort bij zijn of haar kinderen claimen. De ouder doet onbewust een beroep op het kind om het tekort aan te vullen. Deze claim is onweerstaanbaar aantrekkelijk. Een klein kind kan zich hier met geen enkele mogelijkheid tegen verweren.” Uit: De Fontein. Vind je plek van Els van Steijn

Kinderen, zelfs baby’s, willen vanuit liefde hun ouders gelukkig zien én hen tot hun mooie eigenste zelf weten groeien. Als ze beginnen tegemoet te komen aan de behoeftigheden van hun ouders, ontstaan er bij hen ook weer behoeftigheden, wat dan weer appel doet op hun kinderen. Tegelijkertijd wordt het tekort vaak ook verhaald bij de partner, een werkgever of bij instanties. Generaties lang kan zo’n patroon doorgegeven worden. Tot er iemand mee aan de slag gaat en het doorbreekt.

Zalige baarmoedertijd?

Na mijn dochter richt ik mijn blikveld op mezelf. Therapie met mijn kind werkt enkel als ik als ouder zelf aan de slag ga. Bij Rien Verdult ervaar ik op indringende wijze dat alle vroege ervaringen nog in mijn cellen opgeslagen zitten. Van de conceptie tot na mijn geboorte. Mij maakt niemand meer wijs dat baby’s niets onthouden of weten van de tijd in de baarmoeder, de geboorte en de periode daarna, waar alles ongefilterd binnenkomt.

De tijd in de baarmoeder wordt vaak als een zalige tijd omschreven. Ik vrees dat de pijnlijke waarheid is dat dit niet klopt. Zeker als je beseft dat de baby gemarineerd wordt in de moeder. Wat de moeder onbewust voelt, alle emoties die ze tijdens de zwangerschap meemaakt, het komt allemaal binnen bij de baby. Die voelt mee, maar kan er nog niet over nadenken of het een plaats geven. Een baby voelt alles in het nu.

Ingeborg Vandenbulcke van Selfhealing-Center in Sijsele weet als geen ander dat de baarmoeder niet het paradijs is. Via het werk van Franz Ruppert begon het haar te dagen. Hij schreef het boek Vroegkinderlijke trauma’s. In de zelfontmoetingen van cliënten komt steeds weer naar voor dat al van in de baarmoeder trauma’s opgedaan worden. We zijn bijv. (onbewust) niet gewenst door onze moeder, we ervaren geen bescherming of geen emotionele ondersteuning, we worden ondergedompeld in de trauma’s van onze moeder en vader. Via het verstand werkt het niet, meldt ze. Het is het lichaam dat alles onthoudt. Via de zelfontmoetingen ervaren mensen welke trauma’s ze hebben opgedaan en hoe ze zich nu van hun niet langer nuttige overlevingsstrategieën kunnen ontdoen.

Traumakinderen

Binu Singh roept de samenleving op om beter te zorgen voor baby’s en hun ouders. In een interview in De Standaard Weekblad lezen we waar het op aan komt. We houden geen concrete herinneringen over aan onze eerste levensjaren en onderschatten vermoedelijk daardoor de emotionele impact ervan. Binu Singh zegt het rechtuit:

“Die eerste 1001 dagen in een kinderleven, van conceptie tot de leeftijd van twee jaar, zijn cruciaal voor de rest van het leven. Wat in die periode gebeurt, legt in grote mate vast hoe we later functioneren, zowel op psychologisch, sociaal als biologisch vlak. Helaas zijn de meeste hulpverleners, laat staan de rest van de maatschappij, niet op de hoogte van de mogelijke psychosociale problemen die achter reflux, huilbaby’s en moeilijke slapers schuilgaan.”

“Er is veel onwetendheid over hoe het innerlijke leven van een baby eruitziet en welke noden die heeft. Niemand bekijkt de situatie vanuit het standpunt van het kind. Zowat alle ouders hebben de beste intenties met hun kinderen, ze willen het heel goed doen. Maar ze gaan niet in de kinderschoenen staan, daar knelt het.” – Uit: Gezocht: pleitbezorgers voor het jonge kind van Gaby Stroecke

“Vroedvrouwen en gynaecologen staan niet stil bij de psychische impact van hun handelingen. Ze denken er niet aan dat een baby de geboorte – zowat de grootste overgang in een mensenleven – als heel beangstigend, zelfs levensbedreigend kan ervaren.” – Binu Sing

Waarom kijken naar wat onze kinderen ons vertellen?

Onze fluisterkinderen helpen ons hiermee, soms door middel van ongewenst en lastig gedrag. Extra ‘tricky’ zijn de kinderen die te braaf en te rustig gedrag vertonen. Vaak omdat ze voelen dat hun ouders de confrontatie (nog) niet aankunnen, dus belasten ze hun ouders niet nog eens bijkomend. Het mag duidelijk zijn dat hierbij weer behoeftigheid bij het kind ontstaat. In elk geval loont het voor zowel de ouder als niet in het minst voor het kind de moeite om te leren zien wat kinderen ons vertellen door middel van welk gedrag dan ook.

Door telkens de reflectie naar mezelf te maken als iets mij triggert, herken ik meestal veel beter wanneer een nog miskend-kinddeel in mijzelf naar boven komt. Ik ga ermee aan de slag, waardoor ik mijn dochters of andere mensen niet de schuld hoef te geven voor hun ‘vervelende’ gedrag. Ik mag ze net dankbaar zijn dat ze me iets waardevols getoond hebben. 

Wij als ouders kuisen onze demonen op, waardoor we mooiere, harmonieuzere mensen worden. Onze kinderen zijn bevrijd van hun onderliggende zorg voor ons. Ze worden er uiteindelijk betere volwassenen door die niet langer meer de pijn van hun voorouders aan hun kinderen doorgeven.

“Veel volwassenen voelen niet wat er met hen scheelt. Ze hebben hun eigen behoeftes leren te negeren. Dat soort inprentingen begint al in de wieg. Zelfregulatie leer je in de eerste jaren en is de basis van alle andere ontwikkelingen erna. Veel volwassenen sukkelen daar nog altijd mee. En dan staan we ervan te kijken hoeveel burn-outs er zijn bij jonge werknemers. We leren niet meer voor onszelf te zorgen. Want onze maatschappij faciliteert dat niet.” – Binu Singh

“Dit generatieoverstijgende patroon kan doorbroken worden. Als jou dit lukt, zullen jouw kinderen geen neiging krijgen om voor jou te zorgen, om iets [emotioneel] voor jou te dragen of van jou over te nemen. Daarmee is je kind onbelast. Dan zorg je op de best mogelijke manier voor je kind. Je kinderen zijn dan vrij om hun eigen leven op te pakken.” – Els van Steijn

EvaEva-Maria Biss Schrijver en blogger

https://boekenvanevamariabiss.wordpress.com

Bronnen

  • Boeken van G. Stroecken en R. Verdult, praktijk De Bakkerij, Borgloon: Het miskende kind in onszelf en Mijn baby is ontroostbaar
  • Interview in DS Weekblad met kinder- en babypsychiater Binu Singh, UZ Leuven, en voorzitster van WAIMH-Vlaanderen
  • Janita Venema: Het fluisterkind
  • Els van Steijn: De Fontein.Vind je plek
  • Ingeborg Vandenbulcke, Selfhealing-Center in Sijsele
Share on facebook
Facebook
Share on google
Google+
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on pinterest
Pinterest
Previous
Next

Reageren op dit artikel..

Ja, ik meld me aan voor de gratis nieuwsbrief

Elke maand versturen wij een nieuwsbrief vol blogartikelen, tips en nieuws over vernieuwende zienswijzen.